Er zijn twee onderwerpen die zo vaak ter sprake komen als ik in de buurt ben dat het tijd is om er ook hier eens aandacht aan te besteden. Het andere is mijn achternaam 😉

Bij vrijwel elk etentje waar ik aan tafel zit bij mensen met wie ik nog niet (vaak) eerder at, valt het wel iemand op dat ik een vegetarisch gerecht van de kaart kies of vraag of er een vegetarische variant bestaat. Het gebeurt dan bijna altijd dat iemand begint te vertellen hoe weinig vlees-ie zelf eet, of dat-ie alleen maar biologisch vlees eet. Op de een of andere manier krijgen mensen kennelijk de behoefte om zich te verdedigen voor hun eetgedrag als ze merken dat er een vegetariër aan tafel zit. In elk geval het soort mensen waarmee ik wel ‘ns eet. Niet geheel onherkenbaar trouwens: ik heb ook altijd de neiging me te verdedigen voor het feit dat wij twee auto’s hebben wanneer ik met treiners of fietsers spreek (een van die verdedigingen is dat ik de laatste tijd vaker probeer te fietsen, ook als het wat verder is, maar dat terzijde).

Wanneer de vleesschaamte genoeg uitgesproken is, komt meestal de vraag waarom ik dan geen vlees en vis eet. Die vraag is me in de laatste jaren overigens wel minder en minder gesteld, omdat de voordelen van vegetarisch eten voor gezondheid en klimaat inmiddels zo bekend zijn dat ik me kennelijk minder voor mijn keuze hoef te verantwoorden. Grappig genoeg zijn gezondheid noch klimaat de redenen waarom ik vegetarisch eet. Mijn belangrijkste reden, en ook de reden waarom ik ooit stopte met het eten van dieren, is een ethische. En dan blijkt dat als je iets om ethische redenen doet, mensen zich afvragen of je wel ver genoeg bent gegaan in je keuzes, maar daarover later meer.

Hoe het begon

Toen ik in het najaar van 1996 als 17-jarige stopte met het eten van vlees, was dat bij mij thuis geen grote schok: waar veel leeftijdsgenootjes de wind van voren kregen van (veelal) hun moeder omdat het “te veel gedoe” zou zijn, was daar bij ons geen sprake van. Mijn moeder at al nauwelijks vlees (met dank aan de visuele herinneringen aan de slacht van met name varkens die zij als boerendochter had) en mijn vader houdt niet van groente: koken was toch al een uitdaging, dus dit kon er ook nog wel bij. Maar waarom stopte ik met het eten van vlees? Een concrete aanleiding herinner ik me niet, en het was ook geen uitgebreid overwogen beslissing: ik herinner me dat ik van het ene op het andere moment dacht: “en nu is het genoeg!”. Waarschijnlijk heeft het feit dat ik zo’n jaar eerder The Beatles ontdekte en nogal onder de indruk was van het vegetarische dieet van Paul McCartney en zijn vrouw Linda, en met name van de beelden van dode en stervende beelden in videoclips en interviews (ja, zij waren toen al influencers, dus!). Ik stopte met eten omdat, zoals ze dat dan zeggen, ik het “zielig vond” voor “de dieren”.

Maar ja, “zielig voor de dieren” klonk dan wel heel empathisch, maar niet zo verschrikkelijk stoer of intellectueel. Toch speelt dit argument nog steeds, al heb ik het nu liever over “ethische bezwaren”. Ik vind dat ik het niet kan maken om een gezond beest dood te (laten) maken om het op te eten. Zeker niet omdat het zo verschrikkelijk eenvoudig is (dat vond ik overigens in 1996 al, en toen was de situatie echt heel anders) om vegetarisch te eten. Ik ben inmiddels ook zo gewend geraakt aan het niet-eten van dieren, dat ik al bij het idee van het eten van vlees misselijk word. Hoogtepunt (of dieptepunt?) daarvan was toen ik net na de eeuwwisseling, toen vleesvervangers vooral in burgervorm geserveerde groenten waren, een vleesvervanger at die, in elk geval in mijn beleving, zeer realistisch was en in een restaurant geen hap meer door mijn keel kreeg en met honger weer naar huis ging. Dus waarom ik eet ik nu geen vlees en vis? Nou simpel: ik heb ethische bezwaren en vind het een misselijkmakend idee om dier te eten.

Maar je eet wel eieren, draagt leer, …

Yep, ook ik ben een zondaar en zal dus geen eerste stenen werpen. Ik eet eieren en zuivelproducten en op een enkel paar na waren al mijn schoenen sinds 1996 van leer. Heb ik daar dan geen ethische bezwaren tegen? Ja, die heb ik wel. Word ik dan niet misselijk van die gedachte? Ja, als ik er goed over nadenk is dat effect er ook. Toch heb ik besloten dat voor mij de grens ligt bij het eten van dieren. De grens moet ergens liggen en ik heb hem daar gelegd waar het heel eenvoudig voor me is om die te handhaven. Vegetariër zijn is voor mij heel gemakkelijk. Veganist zijn zou voor mij te moeilijk zijn. Er is echter wel een verandering gaande: het wordt steeds eenvoudiger om met name zuivel te vervangen en dat probeer ik dan ook te doen. Ik ben fan van soja-cappuccino’s, drink graag havermelk en probeer kaas waar mogelijk te vervangen door veganistische kaas. Maar eieren kan ik nog niet missen en veganistische schoenen die ik mooi en prettig vind zitten heb ik ook nog niet gevonden. Vandaar dat daar de grens ligt. Daar ligt-ie nu, maar wie weet wat er de komende jaren nog gebeurt…

Moreel superieur?

En dan nog even terug naar die verdedigende opmerkingen van vleesetende tafelgenoten. Ik heb soms het gevoel dat mensen denken of bang zijn dat ik mezelf een beter mens vind omdat ik de keuze heb gemaakt geen vlees te eten, en dat dat ook meespeelt wanneer ze vertellen hoe weinig vlees ze zelf eten. Dat is niet zo. Ik heb deze keuze gemaakt omdat-ie bij me past en ik snap heel goed dat andere mensen andere keuzes maken. Ik heb zelf twee auto’s, geen zonnepanelen, eet niet veganistisch, draag leer en koop kleding van niet-duurzaam geteelde katoen. Ben ik daarom een minder goed mens dat iemand die dat beter voor elkaar heeft? Nee, dat vind ik niet. Wat me echter volgens mij niet ontslaat van de verplichting om te proberen ook op die gebieden mijn leven te beteren. Maar het moet wel te doen blijven, want anders lukt het me niet of houd ik het niet vol.